Mark Cloet - tekeningen

Mark Cloet

Mark Cloet werkt met de wereld die hem omringt, zijn ervaringen en emoties. Zijn kunst groeit van uit een individuele beleving. Deze dringt zich nochtans niet op de voorgrond. Er blijven eerder impressies achter. In een traag, maar gedreven ritme rijgen alle werken zich, ongeacht het gebruikte materiaal, als één reeks aan elkaar. Grote thema’s splitsen zich op of doorkruisen elkaar. Wat er overblijft zijn objecten die een nieuwe realiteit vormen. In stilte vertegenwoordigen zij de universele hergeboorte der dingen
De recentste tekeningen die in “Het Vijfde Huis” werden tentoongesteld zijn werken op papier. Ze zijn in gemengde technieken gemaakt, meestal met zuivere pigmenten en ruwe lijnolie. De landschappen en interieurs die op de tekeningen zijn afgebeeld maken deel uit van de onmiddellijke omgeving van de kunstenaar, of de plekken waar hij als kunstennar passeert. Personen zijn uit deze plekken verdwenen, en soms zeer pregnant, soms bijna onzichtbaar figureren er beeldhouwwerken of ontwerpen van beeldhouwwerken. Zijn ateliers in Zwalm, Oostende of Merelbeke figureren als hermetische plaatsen waar werk vanzelfsprekend aanwezig is. De natuurlandschappen daar zijn onvrijwillige dragers van zijn beelden of monumenten. De specifieke plekken en landen waar hij werd uitgenodigd, tekenen zich af als gasthuizen voor zijn bronzen. Als nomade wandelt de tekenaar onzichtbaar door zijn tekeningen en laat daar in stilte zijn sporen of beeldhouwwerken na. Het zijn stille reflecties die wel degelijk zijn engagement en onderzoek te maken hebben, maar door hun vorm eerder tijdloos en universeel geworden zijn.
In Dikkele, een zeer landelijk en klein dorp grenzend aan de Vlaamse Ardennen, bouwt beeldend kunstenaar Mark Cloet gestadig aan zijn oeuvre. Hij leest veel, schrijft, herschrijft, schetst, maakt tekeningen, herwerkt ze, maroufleert ze soms op doek, maakt schilderijen. Ze zijn teder en toch robuust aanwezig. In hun kleinschaligheid zit een vorm van monumentaliteit. Sinds kort worden ook erg grote vormen gehanteerd. Als de mogelijkheid zich voordoet laat Mark Cloet de evolutie uitmonden in een beeldhouwwerk. Meteen na zijn studies Monumentale Kunsten aan de Academie van Gent werd de jonge kunstenaar, geboren in 1964 in Oostende gesteund door verschillende instanties en verzamelaars. De tentoonstellingen volgden elkaar op in binnen- en buitenland
Uit dit werk spreekt altijd een grote gevoeligheid voor materialen. Hij verbergt de stadia van het werkproces niet. Het toeval van het scheppen speelt intens mee: de krasjes op de etsplaten die in zijn boekentas tegen elkaar schuurden of de vlekken op de zorgvuldig gescheurde en uitgekozen stukjes papier. Ook de pigmenten, voornamelijk natuurlijke pigmenten worden welbewust geselecteerd. Steeds weer sluipen er onwillekeurig woorden binnen in het werk. “Onkracht”en “onlicht” staat raadselachtig in zinkwit neergeschreven. Mark Cloet wil zich niet als schrijver profileren: “Ik ben beeldhouwer”. De beelden staan er, als ultiem eindproduct, volkomen op zichzelf en niet voor verdere herwerking vatbaar. Ze behoeven geen woorden meer om helder te spreken. Toch steekt het woord hardnekkig de kop op: “Tendresse” staat in een bronzen kussen gekerfd.
Liefst komt de kunstenaar tot een totaalbeeld van vele in elkaar schuivende fragmenten, de bekroning zijn de beeldhouwwerken. “Monumenten pour un temps imparfait” in het Museum voor Schone Kunsten van Oostende is zo’n totaal werk. Het ontstond uit “Monument voor verdronken Zeelieden”, een project in Firenze gestart die jaren rijpte en hertiteld werd. De talloze imaginaire beeldhouwwerken, die we zien in tekeningen drukken de behoefte uit om tot iets tastbaars te komen. Een tastbaarheid die zich zelfs in de kleinste tekeningen laat voelen. Een vorm die bijna obsessioneel wordt verkend in kleine tekeningen en in grote schilderijen is een rijzig monument, dat naar boven toe smaller wordt en inspringt. De bronzen beelden zijn echter nooit gerealiseerd. Deze driedimensionele vorm werd voor het eerst getekend op een klein metalen palet, een spatel eerder, vol roestvlekjes. Aan de andere zijde kwam een tekst. Hij herkende er een landschap in of een marine of een oude vriend. Hij tekende er een mens als vuurtoren, maar zonder reden.
Dit monument staat als een minuscuul wit signaal op een weids donker zeezicht. Elders domineert hij heel groot het schilderij. Deze grote formaten, soms 5 op 2 meter, zijn met brede gebaren geschilderd. De machtige landschappen blijven met hun dun aangebrachte verf nochtans ingetogen. Mark Cloet blijft in zijn werk graag dicht bij de natuur. Klassieke genres als het landschap, de marine of het stilleven kunnen nog steeds een bijzondere waarde krijgen. Soms verschijnt er een subtiele dubbelheid in het werk. Wat betekent “Monument pour un temps imparfait” tenslotte? Gaat het om een onvoltooide of onvolmaakte tijd? De toeschouwer krijgt iets aangereikt om een inhoud te vervolledigen. Het onafgewerkte komt ook soms naar voren in het werk zelf. Het lijkt in een stadium van opbouw te zitten en is toch voltooid. Tegelijkertijd krijgt het iets historisch, een gelaagdheid die heel oud aanvoelt. Elk werk is doortrokken van een geschiedenis
Met de natuur en de cyclus van het leven dringt onvermijdelijk de gedachte van de dood binnen. Ze is indringend aanwezig, maar treedt heel zelden als een dreiging op. “Nature Morte”, het beeldhouwwerk dat Mark Cloet voor de Campo Santo Kapel in Gent realiseerde, bestaat uit stillevens, gedenktekens als grafmonumenten, die overpeinzingen over de dood, de sterfelijkheid en het leven oproepen. Op massieve blokken liggen bronzen takken. De materie laat zich niet meteen identificeren als brons. De takken lijken versteend en behouden toch de broosheid van hout. De sobere, sterke structuren zijn tegelijkertijd een vanzelfsprekende en bevreemdende combinatie van twee elementen uit de natuur
Mark Cloet heeft altijd een grote eerbied voor de aard van de materialen. Een zonnebloem, takken, een stoel worden direct in brons gegoten. Hij respecteert de giethuid van het brons, met de witte neerslag van de verbrandde as die in de moule achterbleef. Deze werkwijze houdt zowel vernietigen als vereeuwigen in. Het brons blijft bruut, onafgewerkt en ongepolijst. Aanvoer- en ontluchtingskanalen worden niet altijd afgeslepen. Achter het woord “Non Melancolia”, eigendom van de stichting Tallieu zit een hele constructie van gietkanalen, die het beeld naar de toeschouwer wentelt. Het woord is, met alle mijmering omtrent de betekenis, ook pure materie. Het wordt een bijna abstract gegeven, waarbij de toeschouwer kan voortbouwen aan zingeving

Het hele oeuvre van Mark Cloet bezit een rustige eenvoud, vol onderhuidse spanningen.

Mark Cloet en de cyclus van het leven door Christiene Veugen (kunstbeeld)

Imaginair landschap in Oostende
boslandschap met gras
boslandschap
vlak landschap